Port du Salut

Ch I
Ch II
paper-raw-0162.jpg
De abdij van N.D du Port du Salut (gemeente Entrammes) was de eerste die in Frankrijk werd heropgericht na de val van Napoleon.

In de 13e eeuw bouwde de plaatselijke heer een kleine kerk, gewijd aan de Maagd Maria en aan Sint-Nicolaas, op een plaats die "Le port-Ringeard" heet, en die nog steeds de huidige kerk van de abdij is.


Op 10 mei 1790 werden de kanunniken verdreven, de grond werd verkocht en de gebouwen werden verlaten tot ze in 1815 door de cisterciënzers werden overgenomen.

De abdij van N.D du Port du Salut (gemeente Entrammes) was de eerste die in Frankrijk werd heropgericht na de val van Napoleon.


Toen de revolutie de kloostergeloften afschafte en de religieuze ordes ophief, gaven verschillende monniken en nonnen, onder leiding van Dom Augustin de Lestrange, novicemeester van de Trappe, er de voorkeur aan in ballingschap te gaan om trouw te blijven aan hun religieuze leven. Eerst zocht hij zijn toevlucht in Zwitserland in La Valsainte, waar hij een gemeenschap stichtte die op een zeer strenge manier leefde. La Valsainte stichtte verschillende kloosters, waaronder Darfeld in Duitsland.


Na de val van Napoleon begon men te overwegen de monniken weer in Frankrijk te vestigen. Port-Ringeard was de eerste Franse plaats die een gemeenschap kreeg. In 1814 kreeg een monnik uit Darfeld, een vroegere monnik uit Morimond (bij Langres), toestemming van Lodewijk XVIII om een trappistenklooster te stichten.


In Darfeld had het klooster een inwoner van Laval verwelkomd die eveneens de Revolutie moest ontvluchten, Jean-Baptiste le Clerc de la Roussière. Na de beroering keerde hij terug naar Frankrijk, verwierf de priorij van Port-Ringeard en bood deze aan aan Dom Bernard de Girmont, die was uitgezonden om een Trappistenklooster te heroprichten, het eerste klooster dat in Frankrijk nieuw leven werd ingeblazen.

De brouwerij

"Gebed en werk nemen alle momenten van de Trappistenmonniken in beslag. Zij moeten leven van het product van het werk van hun handen [...] Hun werk bestaat uit landbouw en tuinieren. In het klooster zijn er weefateliers [...] schoenmakersateliers; in het algemeen worden alle kunsten die voor hun gebruik dienen er beoefend: de zuivelfabriek, waar de kazen worden bereid; de brouwerij, die bier levert voor de arbeiders en de vreemdelingen...". (Notice historique sur la commune d'Entrammes, 1853)

Andere verwijzingen zijn te vinden, met name in "Histoire de l'abbaye du Port Du Salut de l'ancienne réforme de N.D de la Trappe 1815-1877" van Irénée Ménard, die uitlegt "... bovendien liet de pater elke dag bier serveren aan de arbeiders die aan de sluis en de brug werkten. Zij wisten ook te zeggen: de Trappisten zijn eerlijke mensen; als de revolutionairen hen komen aanvallen, zullen wij hen verdedigen."

 

Verderop in hetzelfde werk vinden we een verwijzing naar de in 1872 uitgevoerde werkzaamheden: "In mei (1872) sloot de abt een nieuwe lening van 60.000 frank af bij mademoiselle Marçais de Laval [...] Met dit bedrag werd het jaar daarop een ander gebouw opgetrokken, parallel achter het eerste, met een mooie kelder en een zinken dak; daar werd een brouwerij gevestigd, met alle bijgebouwen erbij." Het schijnt dat er vóór 1853 al een brouwerij bestond, maar dat er in 1872-73 een nieuwe werd gebouwd.

 

Verdere verwijzingen naar het bier van de paters zijn te vinden in "Littel's living age" N°2102 du 4 Octobre 1884 : "Thus at Le Port du Salut, they brew and drink beer... ..." ("Zo brouwt en drinkt men in Le Port du Salut bier..."), en ook "The dinner at Le Port du Salut consists generally of vegetable soup, salad without oil, whole-meal bread, cheese and a modicum of light beer" ("Het diner in Le Port du Salut bestaat over het algemeen uit groentesoep, salade zonder olie, volkorenbrood, kaas en een beetje licht bier".)